Uw werknemer kan kiezen voor eerst een hoger pensioen en dan een lager pensioen. Of andersom. Dat kan verschillende gevolgen hebben. Uw werknemer geeft de keuze altijd zelf door.
Uw werknemer kan het pensioen eerst verhogen of verlagen. Dit zijn de mogelijkheden.
Uw werknemer kan ervoor kiezen om vanaf de AOW-leeftijd eerst een hoger pensioen te krijgen, en daarna een lager pensioen. Of andersom.
Tijdelijk een hoger of lager pensioen verandert niks aan het partner- en wezenpensioen wanneer uw werknemer overlijdt. De keuze kan wel gevolgen hebben voor het belastingtarief en uitkeringen en toeslagen.
Als uw werknemer eerst kiest voor een hoger pensioen, wordt het belastingtarief misschien ook hoger. En als uw werknemer eerst kiest voor een lager pensioen, wordt het belastingtarief misschien juist lager. Gaat het pensioen in voor AOW-leeftijd? Dan betaalt uw werknemer over het pensioen meer belasting dan na AOW-leeftijd.
Bij een lager bedrag per maand krijgt uw werknemer misschien recht op toeslagen, zoals de huurtoeslag of zorgtoeslag. Of de toeslagen worden hoger.
Bij een hoger bedrag per maand heeft uw werknemer misschien geen recht meer op uitkeringen of toeslagen, of deze worden lager. Uw werknemer kan voor meer informatie terecht bij de uitkerende organisatie.
Dit kan via de persoonlijke omgeving. Raad uw werknemer aan om de aanvraag uiterlijk 1 maand voor de gewenste pensioendatum te doen. U kunt uw werknemer helpen. Op de pagina Pensioen aanvragen leest u hoe u dat doet.
De keuze voor eerst een hoger of lager pensioen is een keuze die uw werknemer zelf maakt. U hoeft dit niet aan ons door te geven.
Bekijk de informatie voor uw werknemers over eerst een hoger of lager pensioen.