Uw werknemer en premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid

Is uw werknemer voor meer dan 35% arbeidsongeschikt? En ontvangt uw werknemer een WIA-uitkering? Dan neemt PWRI onder voorwaarden de premiebetaling over voor het deel dat uw werknemer arbeidsongeschikt is. Dit heet premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid. 

Voorwaarden voor premievrijstelling

Om in aanmerking te komen voor premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid, moet uw werknemer in ieder geval voldoen aan deze voorwaarden:

  • Uw werknemer krijgt een WIA- (WGA of (vervroegde) IVA) of een WAO-uitkering

En

  • Uw werknemer was nog niet arbeidsongeschikt toen de deelname aan de pensioenregeling van PWRI startte.
  • Of uw werknemer was al arbeidsongeschikt toen de deelname aan de pensioenregeling van PWRI startte, maar is meer arbeidsongeschikt geworden door een andere oorzaak.
Hoe lang heeft uw werknemer recht op premievrijstelling?

PWRI stopt met het betalen van de premie op de AOW-datum. Of eerder, als uw werknemer:

  • minder dan 35% (WIA) of 15% (WAO) arbeidsongeschikt is en om die reden geen WIA- of WAO-uitkering meer krijgt.
  • overlijdt.
Uw werknemer vraagt zelf premievrijstelling aan

Uw werknemer kan de premievrijstelling zelf aanvragen via de persoonlijke omgeving. Dit moet binnen 1 jaar:

  • Na de 104 weken ziekteperiode.
  • Of nadat uw werknemer een WIA-uitkering krijgt.
  • Of nadat uw werknemer meer arbeidsongeschikt is geworden. 
Wat u aan ons doorgeeft

U blijft aangifte doen zolang uw werknemer in dienst blijft. Hoe u dit doet leest u op de pagina Uw werknemer wordt arbeidsongeschikt. Of er sprake is van premievrijstelling maakt voor de pensioenaangifte niet uit. 

Bekijk de informatie voor uw werknemers over premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid.

Ga naar de pagina Ziek of arbeidsongeschikt